Nooit weg!

« Terug
Lees het korte verhaal/de gedachte van Jacques Graus (auteur van 'Het jaar van de vluchtende geest') in 'Nooit weg.'

Nooit weg

Wat zou ik later als grafschrift..., peinsde ik eens, maar op hetzelfde moment besefte ik dat het zo goed als zeker geen gewoon grafschrift zal worden. Mensen die rust zoeken laten zich begraven. Dat staat ook op het graf: R.I.P. Rust In Vrede. Maar onrustige mensen zoals ik, die nog wat willen uitwaaien, laten zich cremeren. En dan kom je terecht in een urn. Weer drie letters: U.R.N.. Die staan voor: U Rust Nooit.

Hoe noem je een grafschrift op een urn? Een urn-inscriptie? En waar moet die komen te staan? Op de rand? Zoals ‘God zij met ons’ op de gulden? Ja, ik weet het, dit staat ook op de euro. Maar op de gulden waren die woorden toch van groter waarde.

En wat voor spreuk past dan op zo’n rand?

‘Oost west, as best?’

Ineens waaiden zomaar twee woorden bij mij binnen: Nooit Weg!

Mijn urn-inscriptie!

Wat er ook komt, het gaat.

Wat er ook gaat, laat gaan!

Goed of niet goed, of het gaat…

Laat komen wat komt,

want hoe het ook gaat:

het is Nooit Weg!

 

Er zijn nog geen reacties Bij “Nooit weg!” »

Reageer op dit bericht

tweets

poll

Bjorn Cocquyt geeft in zijn column 'Ik heb nog nooit een dode tiener begraven' aan dat de ik-persoon in 'De engel in het gekkenhuis' niet één-op-één te vereenzelvigen is met hemzelf. Wat is wél typisch voor Bjorn zelve?