Geest versus Natuur

« Terug
Deniece Wildschut interviewde auteur Jacques Graus toen zijn boek nog de redactierondes doorliep. Inmiddels is 'Het jaar van de vluchtende geest' verschenen. Deniece was nieuwsgierig naar het werk en las het - in een mum van tijd - uit. Het boek zette haar aan het denken. Lees haar relaas over (on)vergankelijkheid en de contradictie 'Geest versus Natuur' hier... 

- Geest versus Natuur -

Ooit kwam ik al tot de conclusie dat niet ‘leven’ en ‘dood’, maar ‘geboorte’ en ‘dood’ elkaars tegengestelden zijn. In ‘Het jaar van de vluchtende geest’ ontmoet ik Math Betrams, een beleidsmedewerker die van de ene op de andere dag op straat komt te staan. Een reorganisatie vormt het slappe excuus, waarmee men workaholic Math op straat dondert. Hier sterft letterlijk iets, zijn baan is uitgebloeid. Tevens sterft er iets in Math, die zich langzaam maar zeker steeds meer terugtrekt. De geboorte van ‘nieuwe Math’ is al spoedig een feit.

Wil je iets geboren laten worden, dan zal er eerst iets moeten sterven. Echter, zowel sterfelijkheid als oneindigheid spelen een rol in deze verwarrende doch intrigerende roman. Alles is met elkaar verbonden en niets kan buiten beschouwing blijven. Wil je niet dat iets sterft? Dan zul je – indien mogelijk – moeten terugkeren richting geboorte. Wat sterft zal echter opnieuw geboren worden, zij het in andere vorm. Reïncarnatie dus, wedergeboorte. Oneindigheid is een feit en in ‘het oude’ ligt altijd iets nieuws verscholen. De kunst is dit te ontdekken, steeds weer, in alles, én… in jezelf. Daar ligt de jeugdigheid, de geboorte, in alles wat oud en vergankelijk oogt. Transformatie.

‘Het jaar van de vluchtende geest’ draait om de immense kracht van kruiden (de natuur) en de kracht van de geest, die beide al eeuwen het meest onvoorstelbare tot leven brengen. Is het mogelijk het verouderingsproces tot stilstand te brengen, of zelfs terug te draaien? Dit sluit overigens perfect aan op een ander belangrijk onderwerp in dit boek, namelijk het feit dat de mens altijd al heeft geprobeerd te ontsnappen aan de dood. We hebben als mens altijd gezocht naar een ontsnappingsmanoeuvre, in de vorm van een zogenaamde eeuwige jeugd en in de vorm van transformatie. Volgens mij speelt sterfelijkheid ook een rol waar het transformatie betreft. 'Dat wat was' verandert van vorm, verdwijnt, om plaats te maken voor ‘het nieuwe’. We proberen dit te benoemen en spreken van een verleden of een toekomst, een nieuwe en een oude ‘ik’, van ‘toen’ en van ‘straks’. We zoeken naar redenen voor ons bestaan en proberen de waarheid te doorgronden. De werkelijkheid is echter een illusie. Er is dus zeker niet zoiets als één werkelijkheid. In feite zijn er evenveel werkelijkheden als er mensen zijn. Of wel meer! ‘De werkelijkheid is dat er een ándere werkelijkheid is’, antwoordde Jacques al, toen ik hier tijdens mijn interview met hem naar informeerde. Illusie vergezelt ons, waar we ook gaan. Het is aan ons hoe wij deze illusie besluiten vorm te geven.

Verandering is de enige zekerheid en niets is wat het lijkt. Op ieder moment sterft er iets, in ons en om ons heen. Op ieder moment wordt er dus ook iets nieuws geboren. Wíj worden steeds weer opnieuw geboren, zoals oude cellen in ons lichaam sterven om plaats te maken voor nieuwe cellen. Steeds als je de waarheid denkt te kennen, blijkt dat je die onjuist hebt ingeschat. Wat was is al niet meer en iets nieuws is geboren. Alles is vergankelijk en toch vormt het een geheel, dat in zijn constante transformatie oneindig is. 

 

 

reactie Bij “Geest versus Natuur” »

  1. Alles wat je schreef Deniece, het klopt gewoon. Ik ben erg nieuwsgierig naar dat boek geworden! Wat moest dat een intense ervaring zijn geweest iemand als hem te mogen interviewen.

Reageer op dit bericht

tweets

poll

Bjorn Cocquyt geeft in zijn column 'Ik heb nog nooit een dode tiener begraven' aan dat de ik-persoon in 'De engel in het gekkenhuis' niet één-op-één te vereenzelvigen is met hemzelf. Wat is wél typisch voor Bjorn zelve?